248817
 
 
 
 
 

     Menu:

> Startscherm
> Schrijvers
> Verhalen
> Open verhalen
> FAQ
> Vintage

Keiharde dromen
312 Bewegingloos
Door: EsQuizzy
Commentaar van de schrijver:
Een gezegend en gelukkig 2011 gewenst!
Categorie: Drama / Roman
Geschatte leestijd: ca. 4 minuten

De zwarte vlekken waren er nog, al lukte het de omgeving wèl om daar doorheen te breken: het eerste wat Lidhia scherp in beeld kreeg was het gezicht van haar zusje, vlak vóór haar.
„Mammaaa! Lidhia komt weer bij!” riep Tirashya enthousiast, waarbij ze uit Lidhia’s gezichtsveld zwom. Lidhia besefte intussen tot haar verbazing dat ze op haar rug op de bodem van de gang buiten de bibliotheek lag. Ze tilde haar hoofd op, dat draaierig aanvoelde, en kreunde eens. Ze herinnerde zich Gabriëlles wekker als door een laag gelatine — ze hadden een kwartier, wist ze nog te bedenken. Maar daar voorbij stootte haar geheugen op een ondiepe laag stenen in de bodem.
„Waddizzurg’beurd?” vroeg ze wazig — althans, zo kwam het Waterlings dat ze brabbelde op Gabriëlle over.
„O, meisje!” kwam de stem van Lidhia’s moeder, die twee tellen later boven haar zwom. Lidhia voelde de liefkozende streling van Quevéra’s vingers over haar slapen en probeerde de vraag meer gearticuleerd te herhalen, maar haar concentratie viel weg — ze wist de woorden niet te vinden.
Gabriëlle kreeg de groeiende onderlaag van paniek bij Lidhia mee, en zette zich onwillekeurig schrap voor nòg een dosis slecht nieuws.
„Iemand had een verlammingsmiddel in de bibliotheek opgelost, meisje. De magister, de medica en heer Murox zijn alle drie nog in leven.”
Gabriëlle voelde hoe in Lidhia’s beleving de volledige waterdruk opgeheven werd. De koningin onderbrak haar eigen verslag met een meelevende glimlach: „Dat is een hele opwatering, hè meisje?”
Lidhia kon slechts zwijgend knikken; de druk op haar borstkas werd nu snel vervangen door een nieuwe, achter haar ogen…
„Jij en luitenant Datylox zwommen de gifwolk binnen en vielen bijna direct flauw,” vertelde haar moeder nu. „Zodra we doorhadden wat er aan de hand was, hebben we jullie eerst naar buiten gesleept, en daarna magister Toenak en heer Murox. De aqualatie-buizen van de bibliotheek bleken gesloten te zijn, dus die hebben we gauw opnieuw geopend. Daarop trof je vader al snel de medica aan, op de bodem van één van de zwempaden tussen de boekenkasten.”
Lidhia was verbaasd. De sluizen van de installatie die de waterverversing van het Paleis regelde, lagen aan de zijkant van het complex. Dat uitte ze ook direct in een vraag: „…En dat allemaal binnen die paar tellen dat Gabriëlle wakker was!?”
Quevéra trok haar wenkbrauwen omhoog; Tirashya fronste de hare.
„…paar tèllen!?” reageerde de laatste als eerste. „Je bent een hele poos wèg geweest, hoor!”
„Echt waar!?” vroeg Lidhia, die dat niet direct kon geloven.
„Hm-hmm!” knikte Tirashya, terwijl haar moeder bevestigde: „Tirashya spreekt de waarheid, Lidhia. Je bent ècht meer dan driekwint buiten bewustzijn geweest.”
„Oh,” geloofde Lidhia het nu. „En de magister — en de anderen?”
Quevéra keek opzij. Lidhia draaide haar hoofd in dezelfde richting en zag meteen Ishtaran op de bodem naast zich liggen, bewegingloos, met daarnaast heer Murox en daarachter de magister. De prinses liet zich van de bodem loskomen. Haar evenwichtsorganen waren nog wel wat ontregeld: de hele gang leek te vervormen alsof de muren waren opgebouwd uit sponzen, die op de geleidelijke deining van het oceaanwater meewiegden. In een zo recht mogelijke lijn probeerde Lidhia naar de magister te zwemmen, maar ze had constant het gevoel dat ze haar horizon moest corrigeren. Daardoor zag Lidhia’s rechte lijn er tot Tirashya’s vermaak een beetje zwabberig uit, maar ze wist haar handen aan weerszijden van Toenaks hoofd op de bodem te planten zodat ze min of meer stabiel boven hem kwam te zwemmen. Nu er geen paniek meer in het spel was, merkte ook zij de duidelijke levenstekenen van waterhaling en hartslag bij hem op.
Het eerste dat ze deed, was een deuntje huilen.
„Ze leven nog, hoor,” kwam Tirashya naast haar zwemmen. Lidhia haalde eens diep, trillend water en glimlachte overgelukkig: „Ja!” — waarop haar zusje één van haar bekende niet-begrijpende blikken ten beste gaf. Quevéra glimlachte even, maar werd meteen weer serieus.
„Het treft bijzonder slecht dat de medica zich onder de slapenden bevindt. Zij zou in staat zijn de werking van het slaapmiddel ongedaan te maken.”
„Het boek!” herinnerde Lidhia zich ineens. „Is het alweer gevonden!?”
„Helaas niet,” schudde de koningin haar hoofd. „Je had dus tòch nog gezien, dat het ontvreemd was?”
Lidhia schudde haar hoofd en antwoordde: „Gabriëlle.”
Haar moeder knikte even.
„Je vader is de bibliotheek aan het doorzoeken omdat het mogelijk is gebleken dat daar nòg een geheime gang op uitkomt; ééntje, die géén belletje doet rinkelen in onze slaapkamer.”
„En waar zijn Vertoc en Datylox?” wilde Lidhia weten, bij het zien van twee àndere wachters naast de deur.
„Die zijn inmiddels afgelost,” antwoordde Quevéra.
„O ja, natuurlijk,” reageerde Lidhia, waarop haar moeder uitlegde: „Luitenant Datylox werd slechts enkele momenten vóór jou wakker.”

Met een strakke, strenge blik die geen moment knipperde of de aandacht losliet, priemde generaal Korfos door de schemerige ruimte. Gevangen in de uitstraling van zijn meerdere en zonder zijn wapens zwom daar tegenover hem, net zo stil in het water zwevend, luitenant Vertoc. Met een bezorgde expressie staarde hij onwrikbaar terug.
„Dus, nog één keer,” klonk de stem van de generaal even streng als zijn uiterlijk. „Vanaf het moment dat de medica de bibliotheek werd binnengelaten tot aan het moment dat koningin Quevéra zich meldde om op de beide jonge Hoogheden te wachten, is er niemand de bibliotheek in of uit gegaan?”
„Correct, generaal.”
„En niemand is langs de bibliotheek gezwommen?”
„Niemand, generaal.”
„En noch luitenant Datylox, noch jij zelf hebben jullie posten ook maar een moment verlaten?”
„Dat klopt, generaal.”
„H’m,” bromde Korfos — een geluid, waaruit niets viel op te maken. „Wàcht!”
Een ander lid van de Paleiswacht, dat schuin achter luitenant Vertoc opgesteld stond, stoof zonder een woord in de houding. Korfos beval: „Escorteer de luitenant terug naar zijn cel.”
Vertoc nam, gespannen, een teug water.
„Jawel, generaal,” knikte de wacht, waarop hij Vertoc somber gebaarde hem vóór te gaan.

Gepost op 31-12-2010 om 22:38 uur
188 keer gelezen
<< Vorige in deze serie

Alle verhalen in deze serie (Keiharde dromen)
Alle verhalen van deze schrijver (EsQuizzy)

Door:
Oke. Een nieuw jaar een nieuwe post.
Fijn om te weten at er gbeurd is.
De onregelmatigheden n tijd worden me steed duielijker. Lidhia heeft mischien nog een kwartier, misschien nog een paar tellen, maar misschien ook nog wel een heleboel kwinten.

Wat ik persoonlijk anders had gedaan is als mijn dochter buiten bewustzijn was geraakt, vooral een langere tijd, haar even op bed leggen en niet op de bodem van de gang naast de bibliotheek. Voor het eerste ogenblik is dat een optie, maar als ze langer buiten bewutzijn blijft, kan ze stijve spieren krijgen van een verkeerde houding en een harde ondergrond.



Wat me ook een beete verbaasd is dat Lidhia en de luitenant als enigen bewusteloos geraakt zijn. Om ze uit die wolk te halen moesten ze er zelf ook in zwemmen. Had die wolk zich niet verspreid door het water? Het lijkt me het meest logisch dat de wolk verlammingsmiddel onzichtbaar was, anders hadden de andere drie slachtoffers het ontdekt voor het middel hun bereikte.
Gepost op 01-01-2011 Om 11:04

Fijn om te zien dat het fenomeen ‘flexibele tijdlijn’ je steeds duidelijker wordt. Lidhia heeft, hoe dan ook, een kwartier — tenzij Gabriëlle door haar wekker heen slaapt, wat niet ondenkbaar is gezien de voorgeschiedenis. =)
Hoe veel tijd er in dat kwartier past… Tja, dàt is een andere vraag.

=D

Gepost op 01-01-2011 Om 11:55

Door:
Ik vraag me ook af he ze ontdekt hebben dat het een verlamingsmddel was. De aanwezigen die bij bewustzijn zijn lijken mij niet de personen die hier verstand va hebben. Verder is Lidhia de eerste die bij komt. Is het niet logischer om pas conclusies te trekken nadat de anderen zijn bijgekomen?
Al met al vind ik dit gebeuren niet zo overtuigend. Sorry.
Gepost op 01-01-2011 Om 11:11

Bedankt voor je reacties, Roos! =)

Het probleem waar ik met Kd steeds tegenaan loop in reacties van lezers, is dat ik nog niet verder ben met het schrijven en posten van het verhaal. =)

Deze scène komt, nu je hem gelezen hebt, niet zo overtuigend op je over. Maar dat zegt niet dat ik niet over de zaak nagedacht heb. Ook is het (nog) onmogelijk voor mij om het volledige overzicht te geven — gewoon omdat ik op dit moment halverwege een scène ben, waarvan de rest simpelweg nog niet op papier en het internet geplaatst is.

Het trekken van conclusies en het geven van commentaar op wat de personen in deze scène denken en doen, lijkt me dus een beetje aan de voorbarige kant.

Ik heb op al je vragen een antwoord. TrU57 m3. =D

De meeste van die antwoorden zijn misschien ook al wel te beredeneren. Weet ik niet, want ik hèb het overzicht natuurlijk al... Ik handel uit voorkennis. =D

Gun mij het voordeel der twijfel… =D

*bloempje*


Gepost op 01-01-2011 Om 11:50

Door: EsQuizzy
O ja, voor de volledigheid: er kan natuurlijk óók weer iets onverwachts gebeuren waardoor het kwartier onderbroken wordt.



Gepost op 01-01-2011 Om 12:03

Door:
1f u say so 1 tru57 u.

12:03 Is dit een stille hint voor de volgende post?

Gepost op 01-01-2011 Om 12:23

Als dat zo is, zou het niet meer zo zijn! =)

Gepost op 01-01-2011 Om 12:55

Door: Tines
Misschien even om je te helpen, Roos: Lidhia was niet de eerste die wakker werd Dat was luitenant Datylox namelijk en het kan zijn dat aan de hand van zijn conditie en ontwaken dat die conclusie is getrokken. Plus dat zij waarschijnlijk wel enigszins op de hoogte zijn van de werking en verspreiding van vreemde stoffen in het water. Vandaar misschien ook dat de luitenant en Lidhia alweer wakker zijn en de rest nog niet?

De laatste alinea kostte me enig serieus denkwerk! Het citaat `Wacht!` van generaal Korfos bracht me in verwarring. Wacht? Waarop dan?! Maar inmiddels heb ik `m hoor.

Welkom terug, Christiaan. En een gelukkig nieuwjaar!
Gepost op 01-01-2011 Om 21:39

Hoi Tines! Dank je! Je ‘welkom terug’ klinkt leuk vanuit het plaatsje waar ik juist uit teruggekomen ben!

Jij ook een gelukkig nieuwjaar gewenst!!!

Ja, ik zat óók even met dat ‘Wàcht’ in mijn maag, maar ik heb nog geen beter alternatief. Enig idee?



Gepost op 01-01-2011 Om 21:47

Door: EsQuizzy

Fijn dat je me vertrouwt.

Er is één punt in je kritiek waarvan ik niet goed weet hoe ik mijn antwoord in het verhaal kan verweven op een onopvallende manier. Daarom geef ik daarop het antwoord hier maar.

Je zegt dat als jouw dochter bewusteloos zou zijn geraakt, je haar op haar bed zou hebben gelegd en niet op de gang bij de bibliotheek, vanwege de kans op stijve spieren. Daar heb je helemaal gelijk in — als het om jouw dochter zou zijn gegaan.

Maar daarmee raak je denk ik ook meteen de bron van je andere vragen: je redeneert heel sterk, maar wel schijnbaar alléén vanuit je eigen denkkader.

Want we hebben het hier niet over jouw dochter, maar over een waterlinge — en zoals het verhaal heel duidelijk maakt, hebben die een heel andersoortig lichaam dan dat van ons. Medische kennis die op ons van toepassing is, is niet per definitie ook op hen van toepassing, en andersom. Een duidelijk voorbeeld van de gevolgen van deze foutieve aanname vind je in Kd.167 Parelsnoer.

Gepost op 01-01-2011 Om 22:01
(Hé, die smiley van die dominee wilde ik niet: ik wilde die heen en weer ijsbeert...)
Gepost op 01-01-2011 Om 22:04

Door: EsQuizzy



In onze luchtwereld is er een wezenlijk verschil tussen op een harde bodem liggen of op een zacht bed.

Onder water bestaat dat verschil nauwelijks: de zwaartekracht heeft daar zo’n andere invloed, dankzij de vertragende werking van het water en het drijfvermogen van alle voorwerpen die een soortelijk gewicht hebben dat gelijk aan of kleiner dan dat van water is... Het is simpelweg niet te vergelijken met wat wij in onze leefwereld kennen. Dus je conclusie daar geldt niet voor de situatie waarop je je redenering projecteert.



Nogmaals: als het hier in onze wereld zou gebeuren, zou je daarin volledig gelijk hebben, en dan zou er op zijn minst iets gevonden moeten worden waarop de bewusteloze persoon goed kan liggen.

Het hangt dus af van het perspectief van waaruit je redeneert — en bij het schrijven probeer ik te redeneren vanuit de personen in het verhaal. Dat leidt soms tot leuke dingen.



Gepost op 01-01-2011 Om 22:17

Door:
Nou zeg, bedenk ik allemaal leuke dingen die gebeurd zouden kunnen zijn, blijkt iemand gewoon wat in het water gedaan te hebben! Ook niet erg spectaculair :
Pacifistische dief. Deze keer hou ik het maar bij benieuwd zijn.

Gepost op 02-01-2011 Om 16:00

Misschien niet spectaculair, nee. Maar je geeft wel een heel leuke hint in deze reactie. =D

Gepost op 02-01-2011 Om 16:19

Door:
Eclipse, ik probeer niks meer te bedenken, want het is toch altijd anders dan wat ik bedenk. Ik wacht gewoon af.
Gepost op 02-01-2011 Om 16:33

=)

*bloempje*

Gepost op 02-01-2011 Om 20:35

Door:
Het was wel gewoon leuk om al die dingen te bedenken. En ja, EsQuizzy weet inderdaad altijd weer alles net iets anders te draaien dan ik - we - verwacht had(den).
Gelukkig maar.

Ik geef een leuke hint! Jeej! Blij dat het, uhm, dinges, has some significance.

Gepost op 03-01-2011 Om 20:03



Gepost op 03-01-2011 Om 20:53

Door: inem
Interessante post... Schrijf is even verder?

Gepost op 03-01-2011 Om 21:24

Ik doe mijn best. Tussen de bedrijven door.

=)

Gepost op 04-01-2011 Om 21:34

Door: EsQuizzy

Trouwens, het is niet zo dat ik tussen jullie veronderstellingen dóór probeer te manoeuvreren met het schrijven. Jullie hebben serieus de mogelijkheid om jullie veronderstellingen bewaarheid te zien worden zonder dat ik het verhaal erop aanpas.



Gepost op 05-01-2011 Om 13:40

Door: inem
Gepost op 05-01-2011 Om 19:00
Dank je wel!

=)

Gepost op 09-01-2011 Om 21:08

Door: Rapunzel
Sluit me aan bij inem
Gepost op 09-01-2011 Om 16:55
Sluit me aan bij mijzelf: jij óók ‘dank je wel!’

=)

Gepost op 09-01-2011 Om 21:09

Dit werk is ingezonden op http://www.blocnoot.nl en blijft te allen tijde eigendom van de feitelijke auteur van het werk (of bloCnoot zolang de auteur niet kan worden teruggevonden). Zonder toestemming van de feitelijke auteur mag dit werk niet gebruikt worden voor andere doeleinden dan lezen. BloCnoot zal nooit toestemming geven indien de auteur niet teruggevonden kan worden. Mocht er sprake zijn van misbruik van de inhoud van het gepubliceerde werk op welke manier ook zullen er (in samenspraak met de auteur) stappen ondernomen worden.