248818
 
 
 
 
 

     Menu:

> Startscherm
> Schrijvers
> Verhalen
> Open verhalen
> FAQ
> Vintage

Keiharde dromen
99. Inzicht
Door: EsQuizzy
Commentaar van de schrijver:
Categorie: Drama / Roman
Geschatte leestijd: ca. 5 minuten

Magister Toenak knikte naar de koning, en stond met een „Dank u, majesteit,” op om de vergadering toe te spreken. Lidhia draaide zich om op haar stoel om de bejaarde, statige man te kunnen volgen terwijl hij heen en weer zwom. Ze kende hem niet anders: dit had ze hem al zó vaak tijdens haar sessies met hem zien doen. Zijn vertrouwde gedrag gaf haar een gevoel van geborgenheid, al proefde ze toch ook het serieuze karakter van de vergadering, dat in zijn stem weerklonk.
„De bestudering van de geschriften die Gershevy ons in vroeger tijd heeft nagelaten, heeft mijn persoon terdege doordrongen van de genialiteit van deze onbekende bekende. Te stellen dat mijn onderzoek voltooid is, zou de waarheid ten zeerste benadelen, daar mijn onderzoek zich specifiek richtte op informatie omtrent het gangenstelsel in de fundamenten van het koninklijk paleis alsmede de geschiedenis rondom de omstreden — vermeende — piraterij van koning Grecadec. Toch meen ik enkele voorlopige conclusies te hebben mogen trekken uit de vele teksten die in de laatste dagen aan mijn ogen zijn voorbijgetrokken, al blijft enig vertrouwen in de accuratesse van deze gevolgtrekkingen in het meest gunstige geval onbetrouwbaar geworteld in het losse zand van mijn helaas nog zeer beperkte inzicht in Gershevy’s brein.”
Lidhia zag aan de uitdrukking op het gezicht van haar zusje dat Tirashya niet helemaal volgde wat de magister wilde zeggen. Blijkbaar had de magister het ook bemerkt, want hij schonk Tirashya een verontschuldigende glimlach en vervolgde in eenvoudiger bewoordingen: „In eerste instantie had ik het plan opgevat u allen vanuit de reeds genoemde geschriften te begeleiden bij het komen tot uw eigen gevolgtrekkingen — ten dele om na te gaan of uw aller conclusies parallel zouden blijken te zwemmen aan die van mijn eigen onderzoek. Deze werkwijze zou echter onnodig tijdrovend zijn: het daagde mij dat niet iedereen hier vergaderd even diep onderlegd is in onze cultuur en onze literatuur, wat tot verwarring en misinterpretatie zou kunnen leiden. Een puntsgewijze uitleg van mijn conclusies met een verklaring van de tekstgedeelten die mij tot die overtuigingen hebben gebracht, zou om diezelfde reden onwenselijk zijn. Daarom heb ik mij genoodzaakt gezien u hier slechts mijn bevindingen mede te delen, waar nodig wellicht voorzien van een mogelijk illustrerend tekstgedeelte.”
Toenak schraapte zijn keel, beantwoordde de dankbare glimlach die prinses Tirashya hem gaf, en ging verder met: „Tot zover mijn noodzakelijke introductie die, naar ik hoop, het vervolg van deze uiteenzetting in het juiste daglicht zal plaatsen en u daarbij van de nodige informatie zal voorzien. Ik nodig eenieder hierbij van harte uit om, wanneer de tijd daarvoor beschikbaar is in een gunstiger moment, mij te vergezellen op een ontdekkingstocht door Gershevy’s geschriften, die vanuit mijn perspectief zeer verrijkend studiemateriaal zijn gebleken.”
Lidhia boog zich iets naar Tirashya over en fluisterde: „Volg je ’m nu beter?”
Tirashya knikte geamuseerd. De magister zette zijn redevoering voort.
„Tijdens het doornemen van de teksten in kwestie werd het mij al gauw duidelijk dat de geschiedenis en ontwikkeling van de onderaardse gangen onlosmakelijk verbonden zijn met het leven en de handelingen van koning Grecadec. De buitenste lijnen van de geschiedenis, zoals ik die heb weten te achterhalen, zijn als volgt: het was de broer van Grecadecs overgrootvader, koning Atefor, die in zijn eerste regeringsjaar opdracht heeft gegeven tot het graven van de schacht en de eerste gang, met als doel een efficiënte gevangenisfaciliteit te creëren. Zoals u allen weet, is de aanvang van Atefors regeringsperiode een zwarte pagina uit de Kronieken van Liliaño, daar hij zijn eigen vader Heclodon en zijn broer kroonprins Nefak op verraderlijke wijze om het leven bracht om de troon voor zichzelf op te eisen. Mijn huidige begrip van de situatie is, dat zijn tegenstanders bij de eerste gelegenheid vanuit een tijdelijke faciliteit in de stad naar de kerkers in de oostelijke gang onder het paleis werden overgebracht. Deze gang vormt het oudste gedeelte van de kerkers, en de bekende ronde ruimte deed in die dagen dienst als folterruimte.”
Lidhia huiverde; ze zag een soortgelijke reactie op het gezicht van haar moeder. Generaal Korfos mompelde: „Binnen gehoorsafstand van de andere gevangenen…” Toenak negeerde deze opmerking en ging gauw verder met zijn verhaal: „De eerste uitbreiding van de gangen vond plaats rond het vierde regeringsjaar van koning Atefor en behelsde een uitbreiding aan het uiteinde van de oostelijke gang: een in zuidelijke richting weglopende arm.”
De magister wachtte een paar seconden om het blijkbaar juist ingeschatte gemompel in de vergaderzaal de tijd te geven te verstommen, voor hij weer het woord nam: „De meer recente ineenstorting van het achterste gedeelte van de oostelijke gang heeft de toegang tot het genoemde gedeelte helaas hermetisch afgesloten, waarbij naar alle waarschijnlijkheid de volledige zijarm het heeft begeven.”
„Goed zo,” zuchtte Tirashya zachtjes. Lidhia keek even vol warmte opzij naar haar zusje. Zou iemand anders de fluistering gehoord hebben? Ze dacht van niet, maar gaf Tirashya een zacht duwtje, wat haar een waterig glimlachje opleverde.
„Een klaarblijkelijk tekort aan beschikbare kerkers is de voor de hand liggende aanleiding geweest van koning Atefors tweede gang,” vertelde Toenak, „die heden ten dage bekend staat als de zuidelijke, waarin ook het stoffelijk overschot van de jonge Iriniah is aangetroffen.”
Lidhia wilde daar nu niet aan denken: ze richtte zich bewust op generaal Korfos, die met een kraspen enkele lijnen op een blad yithri schetste. Het leek een vierkant te worden, maar hij sloot de onderzijde niet af. Intussen ging magister Toenak onverstoord verder met zijn verhaal: „Volgend op die eenmalige vermelding van de zuidelijke gang in de beschikbare geschriften vind er een schrijfstilte plaats met betrekking tot het onderwerp van onze onmiddellijke interesse. De dagen van Atefors troonopvolger, koning Hecor, hullen het gangencomplex in troebel stilzwijgen. Deze periode van onduidelijkheid omtrent de kerkers vindt niet eerder een beëindiging dan wanneer koning Grecadec reeds menig seizoen de troon van zijn vader Hecor heeft overgenomen en Gershevy, omstreeks de helft van zijns konings regering, tekenen van mentale en psychische achteruitgang begint te vertonen — althans, in de ogen van wie niet de moeite hebben genomen hem op een meer uitgebreide wijze te leren doorgronden.”
Toenak keek eens rond om oogcontact te maken met al zijn toehoorders, en declameerde op statige toon:

Wie niet gegaan is diep in ’t rond,
en niet gedaald in d’ondergrond,
die hoort te houden zijnen mond
daar ’t onbekende hij niet vond.


De laatste twee regels werden meegesproken door zowel de koningin als medica Ishtaran.
„Dat ken ik!” zei Quevera met een twinkeling in haar ogen en een knipoog richting de medica. „Dat zongen we vroeger bij het spelen, toen ik kind was!”
Ishtaran knikte. Het viel Lidhia op dat er weer leven in de wijze vrouw kwam door het rijmpje dat de magister had voorgedragen.
„Goede herinneringen,” mijmerde de medica.
„Zeker, lieve Ishtaran,” glimlachte de koningin. „Maar zeg ons, magister, wat zegt het ú in dit uur; in deze strijd?”
Toenak glimlachte en antwoordde: „Ware ik verstoken geweest van de ervaringen die ik enige nachten achter ons in het gezelschap van deze beide jonge hoogheden hier heb opgedaan, ik zou u het antwoord op uw belangstellend verzoek tot in lengte van dagen verschuldigd zijn gebleven, mijn koningin. Maar nu…”

In de koninklijke bibliotheek heerste een vredige rust. Rij na rij aan boekenplanken was gevuld met dikke werken, oud en sommige half vergaan. Maar er waren ook jongere werkjes. Tussen de vele zwarte kaften waarvan sommige in luminescente letters een groenblauwe titel de ruimte in schenen, viel het ene niet op.
Het ene, waarnaar een magere hand zich uitstrekte.
Het ene, dat toen het open viel een vreemd schijnsel wierp op het strenge mannengezicht dat een onplezierige glimlach liet zien.
Toenak zou nog wel even aan het woord zijn in die vergadering.
Murox nam rustig de tijd om zich van de inhoud van het manuscript op de hoogte te stellen…

Gepost op 16-12-2008 om 21:35 uur
446 keer gelezen
<< Vorige in deze serie

Alle verhalen in deze serie (Keiharde dromen)
Alle verhalen van deze schrijver (EsQuizzy)

Door: Auke-Willem (AW)
Een heel stuk bij gelezen. Genoten van hoofdstuk 5. Erg goed en mooi neergezet. Je verhaal komt, mijns inziens, veel beter tot zijn recht als je grote stukken leest, i.p.v. zo nu en dan een fragment.

Deze allerlaatste toevoeging was de enige die mij opviel.
Het doorworstelen van de grote hoeveelheid woorden van de magister viel niet mee en werd een beetje vervelend tegen het eind van dit fragment.
Ook viel mij het woord -soortgenote- op. In onze taal zouden we medemens zeggen, wat iets warmer en persoonlijker klinkt.

Maar goed, dat zijn mijn ideeën. Ik blijf zeggen dat ik met veel plezier en nieuwsgierigheid heb zitten lezen. Ik kijk uit naar het vervolg!
Gepost op 17-12-2008 Om 11:04

Dank je voor de reactie!!!

‘Medemens’: mee eens wat warmte betreft, maar als woord moeilijk in deze wereld te integreren. Officieel is ‘soortgenote’ — althans, volgens Word, niet eens correct Nederlands, ik beschouw het simpelweg als de vrouwelijke vorm van ‘soortgenoot’. Het bezwaar is genoteerd, ik zal me er eens over buigen. =)

Ook de vraag of ik deze post ga splitsen houdt me bezig. Ik weet het nog niet. Toenak heeft in de huidige context wèl merkbaar in de gaten dat hij veel informatie te delen heeft en past daarom ook zijn taalgebruik enigszins aan bij zijn publiek (prinses Tirashya). Dat merk je vooral bij zijn laatste opmerking in de richting van de koningin, die ineens weer veel ‘zwaarder’ opgebouwd is dan het voorgaande.

Het is hier een afweging tussen de informatie en het karakter.

En lezerspubliek. Er zijn mensen die over Toenaks taalgebruik struikelen, en er zijn er die van hem genieten.

Ik kom er wel uit.

=)

Gepost op 17-12-2008 Om 11:52

Door: Tines
Leuk, dat de geheimen rond de kerkers zo ontrafeld worden! Maar ik sluit me bij AW aan: ik heb ook moeite om magister Toenak bij te houden. Als ik me goed concentreer, volg ik het wel, maar je maakt het ons wel moeilijk!
Ook lees ik liever in één stuk een verhaal door, dus als je het af hebt...
Gepost op 17-12-2008 Om 11:45

Af? Nog niet. =)

Ik zal Toenaks teksten nog eens doornemen. Hij kan zijn zinsbouw vast nog wel een beetje verder aanpassen.

=)

Gepost op 17-12-2008 Om 11:56

Door: Auke-Willem (AW)
Ik weet niet of je de teksten van Toenak moet aanpassen, EsQuirrel. Hij praat nou eenmaal zo. Dat hoort bij hem. De beste visman wordt alleen enigszins irritant als je lang naar hem moet luisteren. ;)

Misschien is een constructie als dit een idee: Eén van de prinsesjes snapt het ook niet allemaal. Haar zus legt het haar uit. En dàt schrijf je op! Een gefluisterd gesprek tijdens het verhaal van Toenak... of zoiets...
Gepost op 17-12-2008 Om 15:29
Op zich vind ik dat een leuk idee, maar Tirashya heeft al een slordige vier jaar les van de beste man, dus ze is wel heel wat van hem gewend. In deze context vind ik het daarom moeilijk dat toepasbaar te maken. Ik hoop dat je dat niet erg vindt.

Wat ik zelf voor ogen heb is het volgende: ik kan een aantal (overbodige) woorden uit zijn tekst weglaten. Dat maakt het lezen van zijn zinsconstructies al eenvoudiger, en daar gaat het tenslotte om. =)

Ik geef het wel even aan als ik het gedaan heb. Dan graag nogmaals testlezen. =)

Gepost op 17-12-2008 Om 15:52

Door: EsQuizzy

Ik heb deze post een beetje aangepast en allebei de ideeën ten dele gebruikt. Ik hoop dat jullie hem nog eens willen lezen om te zien of dit beter bevalt, zo.

=)

Gepost op 17-12-2008 Om 19:46

Trouwens, AW, ...‘visman’? Laat het Toenak niet horen!

‘Waterman’ is het woord (niet: Aquarius)!

*knipoog*

Gepost op 17-12-2008 Om 19:48

Door: Auke-Willem (AW)
Stukken beter!!! Knap aangepast.
Gepost op 17-12-2008 Om 20:23

Dank je wel! En ook voor het leuke idee!

=)

Gepost op 18-12-2008 Om 08:22

Door: kiezel
Mooi... Ik weet niet hoe Toenakkerig de oorspronkelijke post was, maar dit is weer genieten!
Eén opmerking bij zijn tekst: eenieder mag (moet?) aan elkaar.

In de koninklijke bibliotheek struikel ik nog even over het ene:
Tussen de vele zwarte kaften waarvan sommige in luminescente letters een groenblauwe titel de ruimte in schenen, viel het ene niet op.
Gebruik je het ene hier als iets onbepaalds? Ik denk het niet; ik denk dat je terugverwijst, maar waarnaar dan? Kaft en titel kunnen beide niet, omdat die woorden niet onzijdig zijn. Je lijkt terug te verwijzen naar een jonger werkje of wellicht een werk in het algemeen (of een boek, maar dat woord noem je niet).
Misschien kun je dat toch even wat duidelijker aangeven (bv. de eerste keer dat je het ene noemt, erachter zetten wat voor ene je eigenlijk bedoelt). (of, beter denk ik nog: maak er dat ene exemplaar van o.i.d.).
Gepost op 18-12-2008 Om 14:04

Dank je voor je leuke reacties en het meedenken! Ik heb het niveau iets naar beneden gehaald in de relevante tekstgedeelten, meest door een paar bijvoeglijke naamwoorden te verwijderen en een paar omschrijvingen te comprimeren. Niet echt schokkend anders, of zo. Gewoon iets minder breed.

‘…het ene…’ slaat hier op kaft, en volgens mij kan dat wel degelijk: taalunie geeft het volgende weer:

kaft, de en het, kaf·ten

…dus. =)

Ik overweeg je voorstel. =)

Gepost op 18-12-2008 Om 14:51

Door: kiezel
Nu ik er verder over nadenk, misschien is het voor mij ook opgelost als je i.p.v. het ene --> dat ene gebruikt.

Of ligt dit nou aan mij?
Gepost op 18-12-2008 Om 14:05

Ja. =)

Gepost op 18-12-2008 Om 14:51

Door: Tines
*Glimlacht geamuseerd* Dankjewel!
Leuk, dit interactieve schrijven!
Ook handig dat die generaal die gangen even tekent. Ik begon al aardig te verdwalen in al die gangen! Nu heb ik even weer een beeld...
Gepost op 18-12-2008 Om 14:20

Graag gedaan. =)

Interactief schrijven: tja...

Tekening: ik heb een uitgebreide plattegrond gemaakt voor mijzelf. Maar die kan ik niet posten... =)

Gepost op 18-12-2008 Om 14:56

Door: kiezel
OK dan...! Het kaft... Je moet er maar opkomen...

Je bent je er wel van bewust dat je tot een minderheidsgroepering behoort? Zeg maar zo`n 5% (afgaande op googelen naar het kaft resp. de kaft).


Mocht je nog niet overtuigd zijn dan moet je even in de Algemene Nederlandse Spraakkunst duiken. In de elektronische versie (E-ANS) valt te lezen dat het woord kaft behoort tot een groep substantieven waarbij geen betekenisverschil is tussen de de en de het versie. Maar waarbij het ene genus wel meer voorkomt dan de andere. En bij kaft komt het de-genus het vaakst voor (net als bij bagatel, jolijt, ratjetoe en vele andere...)

(Grijns)
Gepost op 18-12-2008 Om 15:57

Ik rijd auto, maar heb een automaat-rijbewijs. Slechts ongeveer 5% van het autopark in Nederland is automaat.

Komt dus wel redelijk overeen.

=)

Gepost op 18-12-2008 Om 16:07

Door: kiezel
Hihi, ik ben zelf ook al lekker bezig zie ik. De (andere) genus... Moet het zijn natuurlijk.

(zelfspotmode aan)
Ik ben een genie! Wat zeg ik, ik ben het genie zelve (of was het nou de genie zelve).
(zelfspotmode uit)

Da`s ook een leuke, overigens is er hier wel betekenisverschil...
Gepost op 18-12-2008 Om 16:00

(kiezelspotmode aan)
Gelukkig maar dat we het hier op het mogen houden.
(kiezelspotmode uit)

=)

Gepost op 18-12-2008 Om 16:09

Door: Gabriëlle
Hoihoi,

Zomaar een vraag, hoe kan onder water iets ïmploderen als er een gang instort?

Gepost op 17-02-2009 Om 14:05

Misschien is de woordkeuze daar niet helemaal wetenschappelijk verantwoord, nee. Maar ik volg het probleem niet helemaal, denk ik?

=)

Gepost op 17-02-2009 Om 16:08

Door: Gabriëlle
Misschien dat ik in heel het technische verhaal iets las wat ik echt niet begreep, hahaha, terwijl ik de rest gewoon niet kan volgen, hahaha. Maar misschien ben ik de enige die dit heeft.

gr.
Gepost op 18-02-2009 Om 15:26

Nou ja, technisch gezien is het instorten van een onderwatergang geen implosie als de gang al gevuld was met water. Ik dacht dat je dat bedoelde. =)

Toenak geeft het woord ‘geïmplodeerd’ meer weer als een gevoelsbeleving…

Maar als je iets niet kult volgen, vraag maar gewoon hoor…

*bloempje*

Gepost op 18-02-2009 Om 15:44

Door: Gabriëlle
Dat bedoelde ik inderdaad.
En als ik het echt niet meer kan volgen, trek ik aan de bel, hoor.

Gepost op 24-02-2009 Om 17:59

=)

Gepost op 24-02-2009 Om 18:29

Door: EsQuizzy
Kleine aanpassing: "geïmplodeerd" vervangen door "ineengestort", vanwege het punt dat Gabriëlle terecht aangaf.



Gepost op 30-06-2009 Om 20:57
Twee keer "ineengestort" vlak achter elkaar. =(

Ik pas het opnieuw aan... =)

Gepost op 01-07-2009 Om 14:29

Dit werk is ingezonden op http://www.blocnoot.nl en blijft te allen tijde eigendom van de feitelijke auteur van het werk (of bloCnoot zolang de auteur niet kan worden teruggevonden). Zonder toestemming van de feitelijke auteur mag dit werk niet gebruikt worden voor andere doeleinden dan lezen. BloCnoot zal nooit toestemming geven indien de auteur niet teruggevonden kan worden. Mocht er sprake zijn van misbruik van de inhoud van het gepubliceerde werk op welke manier ook zullen er (in samenspraak met de auteur) stappen ondernomen worden.